| |
Tong
De tong is een platvis die tot de familie van de tongachtigen behoort. Tong komt veel voor in Europese kustwateren, vanaf Middellandse Zee tot aan de noordelijkste randen van de Noordzee en de Golf van Biskaje. Het is een makkelijk te herkennen vis: mooi ovaalrond met een ronde kop. Zijn huid is licht tot donkerroodbruin. Eigenlijk is dit een schutkleur, want de tong ligt overdag ingegraven in het zand en gaat 's nachts op zoek naar voedsel.
Omdat tong uit tropische wateren stamt, trekt het dier zich in de winter terug in de zuidelijke Noordzee en in diepe slikgaten. Bij een strenge winter is daar de temperatuur voor een tong draaglijker. De 'Silver Pits' in de Noordzee is zo'n slikgat waar tongen schuilen voor de kou. Vissermannen vangen hier in de winter vaak enorme hoeveelheden tong. Tong is altijd een belangrijke vissoort geweest. Zo bestaat er een verhaal over een Franse chefkok uit de zeventiende eeuw. Toen hij hoorde dat de tong die hij nodig had voor een zeer belangrijk festijn niet geleverd was, pleegde hij zelfmoord. Wellicht een beetje overdreven, maar dit voorbeeld illustreert wel het belang van tong voor de keuken. Tong is een delicatesse: het visvlees is stevig en tegelijk zacht en sappig. Tong vormt de fundering van de Franse viskeuken en is de basis van vele overheerlijke gerechten. Beste tijd is van juni tot december. Tong is een magere vis. De naam sliptong wordt gehanteerd voor de kleinste sortering. Er bestaan een aantal misverstanden over de juiste schrijfwijze van sliptong. Er zijn nogal wat aanhangers voor de aanduiding slibtong met een 'b'. 'Slib' zou duiden op het slib op de zeebodem waar tong zich graag in verschuilt. 'Slip' met een 'p' komt echter uit het Engels en betekent klein. Bovendien slippen deze kleine tongen nogal eens door het net.... Kortom de juiste schrijfwijze is met een 'p'.
|
|